De eeuwige student, dat klinkt als iets uit een ver verleden. Uit de jaren tachtig, toen je maar beter heel veel bijvakken kon volgen en je studie zo lang mogelijk moest zien te rekken, omdat na je afstuderen niets anders wachtte dan een leeg en werkeloos bestaan.
Met de verbetering van de werkgelegenheid en de invoering van de prestatiebeurs in de jaren negentig was het zo’n beetje afgelopen met de eeuwige student. In een stevig tempo door de studie heen, netjes op tijd afstuderen en daarna vlot aan het werk: dat werd de norm.

Nu, aan het begin van de eenentwintigste eeuw, blijkt er langzaamaan een nieuw type eeuwige student te ontstaan. Een eeuwige student waar niet met enige meewarigheid naar wordt gekeken. Integendeel, er is zelfs vraag naar deze types. Waarin zij zich onderscheiden van hun voorgangers? Wel, de nieuwe eeuwige student is iemand die niet denkt dat hij ‘klaar’ is na het behalen van één diploma en het vinden van een baan. Het is iemand die weet dat de wereld om hem heen in beweging is, en dat je jezelf daarom continu moet blijven vernieuwen. Iemand die het credo ‘een leven lang leren’ oppakt, omhelst en inpikt als zijn eigen motto.

OK, wellicht is het enigszins hoogdravend, deze beschrijving van de immer lerende mens, deze eeuwige student ‘nieuwe stijl’, maar ik herken mezelf er in. Van de achtentwintig jaar die ik inmiddels op deze aardbol rondwandel, mag ik mezelf denk ik zo’n drieëntwintig jaar scholier, student of cursist noemen.

Het begon, na een zorgeloze kleuter- en basisschooltijd, op het vwo. Huppelend kwam ik die eerste dag uit het fietsenhok: eindelijk ging ik écht iets leren. Frans, Aardrijkskunde, Economie, Latijn; het leek me allemaal even spannend. Zes jaar later, met het eerste papiertje op zak, liet ik het scholierschap achter me. Vanaf toen mocht ik mezelf student noemen.

Hoewel met mijn vwo-achtergrond de keuze voor een universitaire opleiding in de rede lag, werd het een hbo-opleiding. In iets minder dan vier jaar werd ik opgeleid tot redacteur, en daarna wachtte het werkende leven op me. Op zich zag ik dat wel zitten, dat werken, alleen vond ik het wel een beetje jammer dat ik nu, op m’n eenentwintigste, ‘klaar’ was. Dus besloot ik, voor de leuk, nog een lerarenopleiding te doen, via afstandsonderwijs. Niet dat ik voor de klas wilde, ik deed het meer om een nog steviger basis in de Nederlandse taal te krijgen.

Master 'Teaching in Higher Education'

Niemand was meer verrast dan ikzelf toen het docentschap me in de loop van de studie toch erg aansprak, en uiteindelijk kon ik mijn twee opleidingen combineren in één baan, als docent op een hbo-opleiding voor het mediavak. Vanuit die baan moest ik vervolgens nog een didactische aantekening voor het hbo halen, en via die weg kwam ik bij de VU terecht. Het was voor mij een logische stap om na die aantekening ‘gewoon’ door te gaan, met de master ‘Teaching in Higher Education’.

Eigenlijk ben ik dus al m’n hele leven aan het studeren. Waarom? Omdat ik mezelf wil blijven vernieuwen, omdat ik van de uitdaging houd, omdat ik méér wil weten. En omdat het ondertussen een soort hobby is geworden. Net als het schrijven, overigens, vandaar dat de stap om te schrijven over studeren heel logisch voelt. Met dit weblog combineer ik dus twee van mijn liefhebberijen, en daarnaast hoop ik een inkijkje te geven in het leven van de eeuwige student ‘nieuwe stijl’.

Tagged on: