'Zo hier en daar zie je wat bosjes sneeuwklokjes'

Zo hier en daar zie je wat bosjes sneeuwklokjes, en op een enkele plek probeert een eerste krokusje te testen of de temperatuur ‘m aanstaat. Er schijnen alweer lammetjes te zijn, maar die staan nog wel binnen, en de krant plaatst een uitroepteken achter de verwachte 12 graden van dit weekend. Het is duidelijk: er hangt voorjaar in de lucht.

Dat is maar goed ook. Ik word ondertussen grommerig en grauwerig en lamlendig van dat grauwe weer van afgelopen maand, en ook collega’s hangen tussen de colleges door wat futloos achter hun bureau. Het wordt tijd voor open ramen, dunne jassen en studenten in overmoedige zomerhemdjes.

Als ik naar buiten kijk zie ik nu nog een erg winterige, kale tuin, met een stukje gras dat ernstig aan wat onderhoud toe is, tegels die nodig schoongespoten moeten worden en leeggeplukte vogelvoederbolletjes die afgevoerd kunnen worden. Maar met een beetje fantasie zie ik de hangmat al hangen, en staan de schommelstoelen weer op het zonnigste plekje van de tuin. En dan op vrijdagmiddag of zondagochtend niet achter m’n bureautje, maar met die artikelen voor de master lekker in het zonnetje. Laat dat voorjaar maar komen!