M’n laptop mag van geluk spreken dat hij niet gesneuveld is, afgelopen week. Het scheelde niet veel of ik had het ding met een grote boze zwaai in een hoek geduveld. Of hij dat overleefd had, was dan maar de vraag geweest, want er had veel frustratie in die zwaai gezeten. Dat de zwaai niet werd uitgevoerd, was helemaal te danken aan een ijzeren zelfbeheersing.

Natuurlijk had ik die frustratie aan mezelf te danken, want erg slim was het niet om na drie volle werkdagen de avond voor de bijeenkomst nog even de voorbereidingsopdracht te willen doen. Maar ja, de vrijdag ervoor was ik de laptop vergeten mee naar huis te nemen, en met alle bestanden en programma’s op het kreng kon ik toen niet verder. Dus werd het woensdagavond.

Ik begon nog met goede moed: ik heb geen hekel aan cijfertjes en word niet meteen sjacherijnig wanneer iemand het over SPSS heeft (voor niet ingewijden: een computerprogramma voor statistiek). De dataset waar we mee aan de slag mochten stond klaar en de opdracht leek vrij duidelijk. Kwestie van doen, dacht ik.

But boy, was I wrong! Het uitvoeren van de syntax (een op zich simpele multiple lineaire regressie) was goed te doen, het programma zelf is zo ingewikkeld niet. Maar dan. SPSS geeft je een prachtig documentje met output en de bedoeling is dan toch dat je chocola maakt van de gegevens.

Op zich kon ik de gegevens nog wel vinden, maar wat ze betekenden? Geen flauw idee. En de Engelstalige statistiekbijbel van Field hielp ook niet echt, want in de index kon ik de begrippen Unstandardized coefficient B en Standardized coefficent Beta (om er maar ‘ns twee te noemen) van pure weeromstuit niet terugvinden. Dan wordt het lastig om iets zinnigs over die cijfertjes te zeggen, laat staan dat je ‘kunt uitleggen hoe de Unstandardized coefficient B – (Constant) zich verhoudt tot het gemiddelde van de afhankelijke variabele’. Pardon?

Dat was het moment dat de laptop groot risico liep. Uiteindelijk heb ik alleen het toetsenbord mishandeld, door met stevige letters in m’n uitwerking te typen: ‘weet ik veel. PANIEKAANVAL’. Daarna heb ik het ding hardhandig dichtgeklapt en heb ik het opgegeven. Nou heb ik daar een bloedhekel aan, dit soort dingen opgeven, dus was ik dubbel gefrustreerd. Omdat ik geen klap snapte van de hele opdracht (ben ik ook al niet sterk in, toegeven dat ik iets niet snap) én omdat ik het opgaf. Ik was niet zo gezellig woensdagavond, ben ik bang.

Natuurlijk kwam het uiteindelijk goed. De laptop ontsprong de dans doordat ik het opgaf en op donderdag legde onze lieve docent op de VU het allemaal haarfijn uit. Zo ingewikkeld was het helemaal niet, toen ik stapje voor stapje door de logica heen geloodst werd. Mijn laptop en ik hebben zelfs vrijdagochtend met ons tweetjes de verwerkingsopdracht overleefd. Met zinnige uitkomsten en zonder frustratie!

Tagged on: